Eddy Keur bij Doorzetters

Open het gesprek en lees het volledige portret uit Doorzetters 2 — 52 ondernemers over de prijs van hun succes.

Eddy Keur: Acht jaar lang ging de telefoon niet meer. Niet zijn stem was het probleem, maar zijn karakter

Door Ruud Hendriks en Richard Bross · 5 minuten lezen

Boekhoofdstuk uit Doorzetters 2 — 52 ondernemers over de prijs van hun succes. Een geschreven portret, geen woordelijk transcript. Functies, cijfers en omstandigheden kunnen inmiddels veranderd zijn.

‘Niemand doet het zoals ik het doe. En dat heeft me ook acht tot tien jaar van de radio afgehouden.’

Hoe een van de belangrijkste stemmen van de Nederlandse radio uit een liefdeloos gezin kwam, jarenlang werd gemeden om zijn karakter en zichzelf op latere leeftijd opnieuw uitvond.

‘Ik heb altijd een zucht naar macht gehad,’ zegt Eddy Keur. Als jongen van vijftien tekende hij voor zes jaar bij de marine, op aanraden van zijn moeder, omdat hij dan in de schaduw van de overwinning kon staan bij de grote jongens. Pas na anderhalf jaar opleiding en een half jaar varen bleek dat hij onophoudelijk zeeziek was, zo erg dat hij eervol ontslag kreeg. Daarna tekende hij bij een piratenzender, en inmiddels maakt hij bijna vijftig jaar radio.

Maar het verhaal dat hem het meest tekent is niet de zeeziekte. Het is de periode van acht tot tien jaar waarin geen enkele radiobaas hem nog belde. Niet omdat hij geen plaatje kon draaien of niets leuks kon roepen, maar om zijn karakter. Keur komt naar eigen zeggen uit een liefdeloos gezin. Zijn vader had geen EQ en zei dat hij en zijn moeder weer gelukkig zouden worden als de kinderen het huis uit waren; zijn moeder gebruikte hem als puber als degene bij wie ze haar verdriet kwijt kon. Over de afstand thuis zegt hij, met een tikkeltje overdreven, dat hij en zijn vader elkaar nauwelijks vaker aanraakten dan bij het vasthouden op de brommer. Die kilte droeg hij mee de wereld in.

Het kantelmoment

Het kantelmoment kwam van een van zijn beste vrienden. Keur zat zonder werk, zag de ene baan na de andere aan zich voorbijgaan, en snapte er niets van. Toen vroeg die vriend of hij heel eerlijk mocht zijn, en zei dat Keur voor mensen die hem niet kenden een onmogelijk, arrogant figuur was. Het schokte hem. De vriend, daarvoor getraind, bood aan hem te helpen, maar waarschuwde dat het veranderen van een karakter een proces van een jaar of twee kon zijn. Keurs eerste reactie was afhoudend, tot de vriend de zin uitsprak die lang bleef resoneren: ‘dat doe je toch niet, het gaat per slot van rekening wel zo goed met je.’ Juist toen besefte Keur dat het helemaal niet goed met hem ging.

De diagnose van de vriend was hard: Keur had geen oprechte belangstelling voor andere mensen en maakte grappen ten koste van anderen, van wie sommigen later baas van een zender werden. Het advies was even simpel als ongemakkelijk: ga interesse in de ander faken, want die knop kun je niet zomaar omzetten. Keur, die niets met lulverhalen had, probeerde het, en tot zijn verbazing werkte het. ‘Ik hoorde verhalen die ik nog nooit gehoord had,’ zegt hij over de mensen om hem heen. Het faken werd een soort verslaving, en het keerde zich ten goede: mensen begonnen ook hem dingen te vragen. Toegeven dat zijn karakter het probleem was, noemt hij zelf het absolute dieptepunt.

Wat het kostte

Het kostte hem bijna een decennium aan radiowerk en, zo erkent hij, veel daarbuiten, want liefde en verbondenheid bleven lang ondergeschoven. Keur is open over wie hij is: hij is altijd vrijgezel gebleven en zegt nog nooit verliefd te zijn geweest, nooit vlinders te hebben gevoeld. De moeilijkste telefoontjes uit zijn leven zijn dan ook de gesprekken met mensen die iets voor hem voelden en van wie hij afscheid moest nemen, omdat het hem niet lukte die liefde terug te voelen. Tegelijk relativeert hij sterk: het positieve dat hij van zijn vader erfde noemt hij onverschilligheid, het vermogen om bij tegenslag de schouders op te halen.

Wat hij nu beleeft is een onverwachte tweede bloei. Toen Ruud de Wild ziek werd, werd Keur ruim na zijn zestigste gevraagd hem te vervangen, en dat lukte beter dan velen dachten, terwijl de meeste dj’s op die leeftijd naar de marge verdwijnen. Hij doet het met zijn eigen, soms controversiële stijl: hij maakt grappen, schuwt het ongemakkelijke niet en vindt eerlijk gezegd dat de muziek vooral een hinderlijke onderbreking van zijn presentaties is. Over zijn afkomst sprak hij ook in een documentaire over zijn grootvader, die Auschwitz overleefde maar daarna omkwam bij een geallieerd bombardement; die maakte hij bewust met jonge mensen in de hoofdrol en zichzelf als verteller. Zijn legacy hoopt hij te vinden in precies datgene wat hem ooit ook de das omdeed: ‘niemand doet het zoals ik het doe.’

Drie tips van Eddy

Leer het vak echt. ‘Iedereen denkt dat hij dj kan worden als hij een beetje leuk kan praten. Dan zou de dame die de tijden omroept bij de NS ook dj zijn. Leer de basisbeginselen.’

Wees te allen tijde jezelf. ‘Ik krijg demo’s en het is altijd hetzelfde, iedereen klinkt hetzelfde. Doe dat niet, juist op die leeftijd.’

Breng iets wat een ander niet doet. ‘De vraag is wat jij to the table brengt. Iedereen kan een plaat aankondigen; zorg dat je een eigen USP hebt.’

Eén harde les

‘Een van mijn beste vrienden zei: je bent een enorme arrogante klootzak, voor mensen die je niet kennen ben je heel vervelend. Hij had gelijk, ik had alleen geen belangstelling voor andere mensen.’

De vraag aan jou

Durf jij te horen wat een eerlijke vriend over je karakter zegt, en ben je bereid daar jaren aan te werken, ook als anderen je voorhouden dat het toch wel goed met je gaat?

Meer afleveringen →